Peter Motte
Vertalen, vertaalbureau, vertalingen, vertaler, De Tijdlijn, film, fantasy, sciencefiction, horror, literatuur, auto's, beeldende kunsten, computers
210301
Profielen
De Citroën XM die me naar Tilff 2005 bracht
Aangeraden links
Beoordeel mijn blog





Bekijk de resultaten
Linkuitwisseling
Noord Limburgse Video en Computer Club--NLCC
nlcc
Linkuitwisseling
Mijn dagen zijn getallen
dagental
Linkuitwisseling
Club 46 Off Topic
philderyck
Linkuitwisseling
|Robin || En Anders
en-anders
Linkuitwisseling
Zoé's home
hahahahahahahahahaha
Linkuitwisseling
Italiaanse keuken
wijnuititalie
Linkuitwisseling
zesde leerjaar Huise
zesdeleerjaarhuise
Linkuitwisseling
wortelwoorden
wortelwoorden
Linkuitwisseling
funrunning OEH.
funrunning
Linkuitwisseling
Oldskool Maq's blog
oldskoolmaq
Linkuitwisseling
Tafeltennis Faber Pennings
faber-pennings
Linkuitwisseling
Alleen
alleen
11-01-2010 Vrije tijd
Gebruik deze link als u rechtstreeks dit artikel wilt bookmarken of linken...Recensie: De dagen van het hert, door Liliana Bodoc
recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte

Dit is het eerste deel van een trilogie waarin een vredige wereld bedreigd wordt door kwaadaardige nakomelingen van de Dood, die geen leven had mogen scheppen, maar het toch heeft gedaan.

De Astronomen ontdekken dat de tijd is gekomen waarin de voorspelling over de komst van die kwaadaardige wezens zal worden vervuld. Ze sommeren alle volkeren van die vredige wereld, het Vruchtbare Land, om een afgevaardigde te sturen naar een vergadering in de stad van de Astronomen.

Cucub, een van de boodschappers die op queeste wordt gestuurd om de held van de Husihuïlken op te zoeken, zodat ze samen op queeste naar de stad van de Astronomen kunnen trekken (waarna ze op queeste ten strijde tegen de kwaadaadigen trekken, die zelf op queeste vanover zee kwamen om door het Vruchtbare Land op queeste te trekken - nu ja, dat is eigenlijk "op veroveringstocht", maar ze trekken toch).

Cucub is een Zitzahay, met de "z" van "zeur". Gelukkig beseffen sommige personages dat, zoals blijkt uit de reactie van Kupuka:" 'Praten alle Zitzahays op dezelfde vreemde manier als jij?' antwoordde Kupuka." (p. 122).

Kupuka is een Aardmagiër, een rondtrekkende tovenaar die de neiging heeft om soms op te zich te laten wachten. Je weet vaak niet waar hij uithangt of wat hij uitspookt, maar hij duikt nogal eens op als de nood het hoogst is. Een gewoonte die wel meer tovenaars (witte, grijze, enzovoort) blijken te hebben.

Kupuka moet Cucub niet veel verwijten over zijn manier van spreken, want daarvoor had hij zelf gezegd: "Kom, Cucub, klim er maar op. We gaan naar dat bosje daar, dat hoe schraal ook en hoe weinig schaduw het ook biedt, ons toch een beetje verlichting zal brengen." (p. 122).

Het is geen woordomhaal. Wollig taalgebruik demonstreert het boek ook wel, bijvoorbeeld als er staat "..., deden ze er maar liever het zwijgen toe." (p. 95-96), in plaats van "zwegen ze maar liever". En die uitdrukking wordt nauwelijks drie pagina's later herhaald: "en verkozen er het zwijgen toe te doen" (p. 99).

Eigenlijk is die korte opeenvolging van een overbodig lange uitdrukking tekenend voor het hele boek, en al kan het in dit geval aan de vertaler te wijten zijn, toch denken we niet dat het overal het geval is. Het is niet de vertaler die ervoor kiest om een omstandige uitleg te geven over dat bosje. Evenmin moeten we het de vertaler aanwrijven dat er drie keer wordt uitgelegd wat precies de achtergrond is van de oorlog tussen het Vruchtbare Land en het land van overzee.

Het is ook niet de schuld van de vertaler dat die uitleg al in de inleiding staat.

Het is ook niet de schuld van de vertaler dat Cucub niet al te groot is, en dus wat weg heeft van een dwerg, of... doet denken aan een ander type kortgestuikt wezen uit een andere trilogie.

Het is ook niet de schuld van de vertaler dat de lezer af en toe het gevoel bekruipt dat de auteur holle romantiek in zijn beschrijvingen stopt, zowel van de omgeving als van de personages, allemaal gebaseerd op een vervlakte vorm van de "edele wilde" en van allerlei natuurromantiek.

Het is ook niet de schuld van de vertaler dat de auteur hier en daar wel degelijk boeiende passages heeft neergezet, maar dat die daarna gevolgd worden door een hoop oninteresant geleuter.

Kortom: het is een zoveelste trilogie waarin een wereld belaagd wordt door kwaadaardige krachten, waarin allerlei volkeren zich moeten verenigen om die krachten te bestrijden, waarin tovernaars rondwaren, waarin arenden een belangrijke rol spelen, waarin het kwaad listig is en verdeeldheid zaait, enzoverder.

Maar we moeten dit toegeven: de auteur is erin geslaagd om geen enkel origineel element te bedenken. Als de lezer iets origineels meent te vinden, is dat omdat hij het boek niet kent waaruit het werd overgenomen.

En, ja: er is een kaart.



De sage van het Grensland, deel 1: De dagen van het hert, Liliana Bodoc, 2009, Amsterdam, WB-fantasy, Wereldbibliotheek, met kaart, oorspronkelijk "La Sage de los Confines - Los días del Venado", vertaling: Bob de Nijs, gebonden met omslag, 282 p's, 23,6 x 15,7 x 3 cm, isbn 978-90-284-2306-0

prijs: 19,90 euro

Delen
11-01-2010, 22:15:09 Peter Motte, vertaler Frans/Engels naar Nederlands
De dagen van het hert   de sage van het grensland   door Liliana Bodoc   fantasy   literatuur   recensie   trilogie   wereldbibliotheek - fantasy  

(0 Stemmen) Reacties (0)
07-01-2010 Vrije tijd
Gebruik deze link als u rechtstreeks dit artikel wilt bookmarken of linken...Recensie: 29 beruchte bergen en één vlak strookje, door Richard Plugge
recensent: Peter Motte

onder auspiciën van De voormalige Tijdlijn en Vertaalbureau Motte


Richard Plugge doet wat veel mensen willen doen: al die cols oprijden die de professionele wielrenners tijdens de grote ronden en wielerwedstrijden moeten verwerken.

Dat gaat niet zonder moeite, maar hij heeft een goede stimulans: hij werkt als journalist voor het wielertijdschrift Fiets, waarin zijn ervaringen worden gepubliceerd.

In de loop der jaren heeft hij heel wat beklimmingen afgewerkt, en in dit boek heeft hij ze verzameld.

Een beetje wielerliefhebber kent de namen wel. Het zijn namen waarbij we wegdromen: Col d'Izoard, Tourmalet, Mont Ventoux... om er maar drie te noemen.

Maar Plugge zoekt het niet alleen in het verre Frankrijk Spanje en Italië. Hij blijft ook dichter bij huis: de Cauberg, de Muur van Huy, en zelfs de Muur van Geraardsbergen.

Het is een verrassing om de Muur van Geraardsbergen te zien opduiken in een lijst met bergen en passen met namen zoals Col de la Madeleine, Colle delle Finestre en l'Alpe d'Huez.

Maar toch is ook die beklimming een gepaste keuze: het maximale stijgingspercentage van 20 % ervan wordt door slechts één andere berg overtroffen: de Alto de l'Angliru, ook bekend als het Beest van Asturië. Die gooit er wel direct 23,6 % tegenaan. Maar het is in elk geval duidelijk dat wat de Muur van Geraardsbergen mist aan lengte, goedmaakt door de steilte.

Plugge had beide Muren eigenlijk ook nodig, want zijn boek wil een handleiding zijn voor de wielertoerist die bergen wil beklimmen, en dan kan hij niet alles gaan zoeken in het diepe zuiden. Maar dat betekent niet dat de liefhebber fluitend over de Cauberg, de Muur van Huy of de Muur van Geraardsbergen zal fietsen.

Om het af te maken heeft hij er ook nog het bos van Wallers bijgevoegd, een van de hardnekkige kasseistroken uit Parijs-Roubaix, een strook die alleen voor fietsers wordt opengesteld.

Dat de beschrijvingen van Plugge accuraat zijn, hebben we kunnen controleren op de Muur van Geraardsbergen zelf. Hij heeft zelfs het bordje in de Denderstraat vermeld, een stijgingspercentage van 10 % aanduidt.

De routebeschrijvingen van Plugge kloppen dus, en vanzelfsprekend mogen we hetzelfde verwachten van zijn geschiedkundige toelichtingen over de belangrijke wedstrijden die over al die bergen werden gejaagd.

Voor elke berg heeft hij ook toeristische informatie, grafieken met de stijgingspercentages, en de kenmerken van de klim door de lengte, het gemiddelde, maximale en minimale stijgingspercentage, het hoogteverschil en de maximaal bereikte hoogte te vermelden. De grafiekjes vermelden ook de beginhogote.

Voor elke berg worden er ook gesprekken aan toegevoegd met bekende wielrenners, zoals Laurent Fignon, Eddy Merckx en Michael Boogerd.

Kortom: je kunt het boek gebruiken als handleiding om die beklimmingen uit te voeren, maar het hoeft niet: je kunt er ook gewoon van genieten door het te lezen en je geschiedenis op te halen over de vroegste perioden van grote ronden en de bekende klassiekers.

"29 beruchte bergen en één vlak strookje", door Richard Plugge, 2005/2009, Baarn, Tirion Sport, met grafieken van de beklimmingen en met 16 blzn kleurenfoto's, paperback, 192 p's, 21,5 x 14 x 2 cm, ISBN 978-90-4391-239-6
17,95 euro

Delen
07-01-2010, 22:45:08 Peter Motte, vertaler Frans/Engels naar Nederlands
alpen   beklimmingen   bergen   chte bergen en één vlak strookje   geschiedenis   muur van geraardsbergen   muur van hoey   non-fictie   recensie   Richard Plugge   sport   sportgeschiedenis   tirion sport   toerisme   wielertoerisme   wielrennen  

(0 Stemmen) Reacties (0)
Vorige pagina
Word lid van de discussiegroep detijdlijn
Word gratis lid van detijdlijn
Powered by groups.yahoo.com
Startpagina
Maak van dit blog je startpagina
Reacties
Tags
Categorieën
Archief